Voorkomen

Atlas van de Nederlandse broedvogels pagina 444. SOVON, 2002 De ekster is een algemeen voorkomende standvogel in onze contreien. De “Atlas van de Nederlandse broedvogels” (SOVON 2002) geeft een bezetting aan van 96% van de atlasblokken (zie afbeelding).Na een aanvankelijk (sterke) toename, is sinds de negentiger jaren sprake van een afname. Belangrijkste oorzaken hiervoor zijn volgens SOVON de toename van haviken, veranderde bemestingsmethoden (injecteren in plaats van gieren) en verminderd aanbod van bodemdieren.

In Nederland komen naar schatting ruim 51.000 (40.000 tot 60.000) broedparen voor. In 1979-1985 waren dat nog 60.000 tot 120.000 broedparen!

Als U meer wilt weten over verspreiding, voorkomen en aantalsontwikkeling in Nederland, kijk dan eens op de site van SOVON

Stadsvogelindicator
Er is een groeiende belangstelling voor de vogelbevolking van steden en dorpen. In het “PTT-project” zijn op vele routes ook enkele stadse telpunten opgenomen. Hieruit kunnen trends voor wintervogels in stedelijke milieus berekend worden. Momenteel worden deze gegevens voor Vogelbescherming geanalyseerd en in combinatie met de gegevens van het stadsvogelmeetnet MUS zal hieruit een stadsvogelindicator geconstrueerd worden. De gegevens worden beschikbaar gemaakt voor geïnteresseerde gebruikers zoals gemeenten, die hiermee een vinger aan de pols kunnen houden van hun lokale vogelpopulaties en indien nodig, gerichte maatregelen kunnen treffen.
Het is bekend dat diverse typische stadsvogels, zoals de Huismus, in grote steden harder achteruit zijn gegaan dan op het platteland, maar het tegenovergestelde komt ook voor. Een mooi voorbeeld hiervan is de Ekster, een soort die in het landelijk gebied flink in aantal achteruit is gegaan, maar zich in de stad goed kan handhaven (zie figuur 1).

 Trend van de Ekster, SOVON, 2009
© Tekst en afbeelding werden gepubliceerd in SOVON-Nieuws van oktober 2009 .